Mijn Blog

Mijn Blog

"Fotograferen is leuk, maar schrijven ook"

Kijk ook eens op mijn Homepage

Invul flitsen

FlitsenGeplaatst door Antonius Berkhof za, januari 06, 2018 12:59:24

Algemeen:

Bijna iedereen heeft een ingebouwde flitser op zijn camera en de wat serieuzere fotograaf is al snel in het bezit van een (externe) reportage-flitser. In praktijk blijkt dat veel mensen niet flitsen omdat ze gehoord hebben dat dit niet mooi is of omdat ze simpelweg bang zijn om de flitser te gebruiken. Als je de vraag stelt wanneer je de flitser gebruikt is het antwoord meestal; “Als het te donker is om een foto's te maken”.

Met een flitser kun je veel meer dan alleen foto's maken in het donker. Het belangrijkste is dat je met de flits de bestaande licht-situatie naar je hand kunt zetten. Je hebt veel meer controle over het licht op je onderwerp en de achtergrond waar je onderwerp voor staat. Flitslicht kan je ook gebruiken als er te weinig licht is, als een extra lichtbron of bijvoorbeeld voor het invullen van donkeren plekken of om kleuren te versterken.

Professionele fotografen flitsen zelfs bij klaarlichte dag om het onderwerp extra te belichten.
Zonder flitser zou het gezicht van de persoon veels te donker zijn.

Onderstaande techniek heb ik is weliswaar geschreven voor de Nikon camera + flitsers, maar punt 2 t/m 4 is voor ieder merk camera + flitser van toepassing.

Begrippen:

TTL staat voor ‘through the lens’, de camera geeft de meting door aan de flitser die vervolgens de correcte belichtingssterkte toepast. Een soort automaatstand voor de flitser dus.

BL: Automatische invulflits
De meest geavanceerde flitsmode op een Nikon flits is TTL-BL. Oorspronkelijk stond BL voor BackLit maar vanuit marketing is er besloten om er Balanced Fill (ofwel gebalanceerde invul flits) van te maken.

FP: Auto FP High Speed Sync mode
Wanneer je deze gebruikt kiest de camera aan de hand van de sluitertijd automatisch of er een high speed flits (meerdere flitsen) nodig is, of dat een normale flits voldoet.

Je Nikon flitser buiten gebruiken bij volop zonlicht.

Invulflitsen is bedoeld om de belichting van de te fotograferen voorgrond en achtergrond in balans te brengen. Zo ontstaat er een evenwichtig belicht beeld, waarbij er geen sprake is van over- of onderbelichting van de voor- of de achtergrond.

Hier zijn twee opties mogelijk:

1. Automatische uitgebalanceerde invulflits (TTL-BL-FP)

Deze TTL-BL mogelijkheid is ontworpen om de achtergrond en belichting van je onderwerp automatisch in balans te brengen. Wanneer gebruik je BL? Wanneer de achtergrond lichter is dan je onderwerp gebruik je een BL invulflits om beide in balans te brengen, bijvoorbeeld bij een model voor een raam waardoor het daglicht naar binnen komt. Technisch gezien is TTL BL verschillend van i-TTL. Bij standaard i-TTL vindt er geen communicatie plaats tussen het lichtmeetsysteem van het omgevingslicht en het lichtmeetsysteem van het flitskracht in je camera, beide systemen staan dus totaal los van elkaar. Bij TTL BL vindt er wel een (beperkte) communicatie plaats tussen beide systemen. Deze communicatie heeft betrekking op informatie van het lichtmeetsysteem en de brandpuntsafstand

De flitssterkte wordt dus automatisch aangepast voor een uitgebalanceerde belichting van het hoofdonderwerp en de achtergrond.

a. camera in A modus

b. Matrix

c. ISO 200 - 400

d. Diafragma f 5,6 tot f 11

e. Flitser in de mode TTL+BL+FP

f. Flitskop recht naar voren

De praktijk:

Als je een goede balans in je belichting wilt laten regelen door TTL-BL, moet je de flitser instellen op TTL+BL+FP. De camera kun je dan gebruiken in de P, S of A mode. De camera meet dan het omgevingslicht en stelt dan diafragma of sluitertijd in voor een goede belichting. Tevens zend hij deze gegevens door naar de flitser. De flitser regelt dan de juiste hoeveelheid flitslicht.

TTL-BL is de stand om alleen maar een invulflits te verkrijgen (als het omgevingslicht sterker is dan het flitslicht dan noemen we het een invulflits). In deze stand werkt het flits meetsysteem samen met het camera meetsysteem om toch een uitgebalanceerde belichting te verkrijgen.

De voorwaarde voor TTL-BL is dat het voorwerp donkerder moet zijn dan de achtergrond om TTL-BL goed te laten werken. De flits kan het voorwerp alleen oplichten om het in balans te brengen met de achtergrond.

2. Creatief invulflitsen TTL + FP

De methode (TTL) maakt gebruik van het lichtmeetsysteem in de camera. Middels de voorflits (pre-flash) wordt aan de hand van het gereflecteerd licht door de camera bepaald hoeveel energie er van de condensator naar de flitsbuis gaat, dus hoeveel flitskracht er nodig is voor een goed belichte opname met een gemiddelde helderheid (18% grijs). In TTL termen gesproken spreken we dan van 0.0 belichting. Met de +/- knoppen op de flitser (FEC – Flash Exposure Compensation) kunnen we de flitskracht die door de camera is bepaald als fotograaf corrigeren. Stel je bijvoorbeeld een correctiewaarde in met de +-toets van +1.0 dan is het resultaat dat je flitser 1-stop meer flitskracht zal afgeven dan dat in eerste instantie door de camera was bepaald (0.0).

a. camera in M modus

b. Matrix of Centrum gericht

c. ISO 200 - 400

d. Diafragma f 5,6 tot f 11

e. Flitser in de mode TTL+ FP

f. Flitser instellen op EV -1 tot EV -2

g. Flitskop recht naar voren

De praktijk:

Bij standaard TTL wordt het hoofdonderwerp correct belicht, ongeacht de helderheid van de achtergrond.

Camera instelling:
We meten het achtergrond licht (omgevingslicht met de camera, voorkeur op A (diafragmavoorkeur) - flitser uitgeschakeld
* het diafragma stellen we in op een groot diafragma b.v. f/4 (we willen de achtergrond wazig)
* De ISO gevoeligheid stellen we in op 200 - 400 (lage ruis)
* De gemeten waarde nemen we nu over in de M modus van de camera.

Als we nu een foto maken is de achtergrond juist belicht.

Flitser instelling
Na het instellen van de M modus op de camera, schakelen we de flitser in op TTL +FP mode
Niet op TTL-BL-FP ( TTL meet enkel op het onderwerp.

Nu moeten we nog de belichting van de flitser instellen.
De camera meet wat nodig is om het model waarop we focusseren goed uit te belichten, en geeft die waarde door aan de flitser.
Met de EV knop op de flitser regelen we de sterkte van de flitser -1EV tot -2EV (1 'a 2 stops lager dan wat de camera aan de flitser vraagt)

3. Vuistregels om de belichting aan te passen:

1. Wanneer je de sluitertijd aanpast zal je alleen het omgevingslicht veranderen.

Sluitertijd korter = alleen omgevingslicht wordt aangepast, minder omgevingslicht

Sluitertijd langer = alleen omgevingslicht wordt aangepast, meer omgevingslicht, meer invullicht

2. Wanneer je het diafragma aanpast zal het flitslicht én het omgevingslicht beïnvloed worden.

Diafragma meer open = zowel omgevingslicht als flitslicht wordt aangepast, meer omgevingslicht én meer flitslicht - Dus de algemene belichting wordt aangepast.

Diafragma minder open = zowel omgevingslicht als flitslicht wordt aangepast, minder omgevingslicht én minder flitslicht

3. Wanneer je de ISO-waarde aanpast zal het flitslicht én het omgevingslicht beïnvloed worden.

Hogere ISO waarde = zowel omgevingslicht als flitslicht wordt aangepast, meer omgevingslicht én meer flitslicht - overbelichting.

Lagere ISO waarde = zowel omgevingslicht als flitslicht wordt aangepast, minder omgevingslicht én minderflitslicht, onderbelichting


4. Goed flitsen met een reportageflitser is een vak op zich.

Heb je het eenmaal onder de knie dan heb je een enorme macht over het contrast in je foto.

Er zijn veel boeken in de handel (vaak alleen in het Engels) die deze techniek beschrijven.

Nu is er goed nieuws want er is een zeer goed Nederlands boekje op de markt verschenen.

http://www.asiso.net/

Ik heb zelden zo een goede uitleg gelezen over de flitstechniek.
Het boekje is dan ook een echte aanrader voor een ieder die deze techniek onder de knie wil krijgen.







  • Reacties(0)//blog.foto-eifel.de/#post38